Kan een kritische uitgave van een publiek domein werk auteursrechtelijk beschermd zijn?

Kan de reconstructie van een historisch manuscript dat tot het publieke domein behoort, een nieuw auteursrecht doen ontstaan? Het Hof van Justitie oordeelt in een arrest van 19 maart 2026 (C-649/23) van wel, mits de bewerker bij de reconstructie vrije en creatieve keuzes heeft gemaakt die verder gaan dan louter technische vaardigheden of filologische regels. Ontdek hieronder aan welke strikte voorwaarden zo’n kritische publicatie moet voldoen om bescherming te genieten en wat dit betekent voor de praktijk.

De context

De zaak draait om professor Dan Sluşanschi, die een kritische publicatie verzorgde van een 18e-eeuws Latijns manuscript van prins Dimitrie Cantemir over het Ottomaanse Rijk. Hoewel het oorspronkelijke werk van Cantemir al lang tot het publiek domein behoort, was het manuscript onvolledig en moeilijk leesbaar. Sluşanschi reconstrueerde de tekst door middel van correcties, aanvullingen en een uitgebreid kritisch apparaat (voetnoten en commentaren).

Na het overlijden van de professor werd zijn werk ter beschikking gesteld, waarna een andere stichting (de FNSA) het werk in een tweetalige editie publiceerde. Deze nieuwe publicatie nam de kritische Latijnse tekst van Sluşanschi integraal over, voorzag deze van eigen voetnoten, maar vermeldde Sluşanschi slechts terloops en niet als auteur van de gereconstrueerde tekst.

De erfgenamen van Sluşanschi startten een procedure wegens inbreuk op het auteursrecht. De tegenpartij voerde aan dat een wetenschappelijke reconstructie van een dode taal (Latijn) geen creatieve vrijheid toelaat, maar louter een kwestie is van professionele vakkennis. De Roemeense rechter besloot hierop prejudiciële vragen te stellen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ).

De beslissing van het Hof van Justitie

Het Hof van Justitie boog zich over de vraag of de kritische publicatie van een publiek domein geworden werk, die tot doel heeft om de tekst van dat werk te reconstrueren, vergezeld van commentaar en het nodige kritisch apparaat, door het auteursrecht kan worden beschermd. Het antwoord van het Hof is bevestigend, maar onderwerpt dit aan twee strenge, cumulatieve voorwaarden.

Ten eerste moet het gaan om een oorspronkelijk voorwerp, wat betekent dat het een eigen intellectuele schepping van de auteur is die zijn persoonlijkheid weerspiegelt door uiting te geven aan vrije en creatieve keuzes. Wanneer het werk louter door technische overwegingen of regels wordt bepaald zonder ruimte voor creatieve vrijheid, is er geen sprake van auteursrecht. Het Hof oordeelde hierbij specifiek dat de grammaticale, lexicale en stilistische keuzes van een redacteur niet louter technisch zijn, maar diens persoonlijke interpretatie, verbeelding en intuïtie kunnen weerspiegelen bij het reconstrueren van de bedoeling van de oorspronkelijke auteur.

Ten tweede moet het voorwerp voldoende nauwkeurig en objectief geïdentificeerd kunnen worden. Het Hof oordeelde dat een kritische publicatie, inclusief het commentaar en het kritisch apparaat, in haar geheel als zo’n identificeerbaar voorwerp kan worden beschouwd.

Juridische analyse en duiding

Dit arrest bevestigt de originaliteitsdrempel in het Europese auteursrecht. Waar het Hof in het Mio-arrest nog de term ‘uniek’ in de mond nam schittert dat woord hier door afwezigheid. Het Hof keert terug naar de gebruikelijke omschrijving: auteursrechtelijke bescherming hangt uitsluitend af van de vraag of er sprake is van “vrije en creatieve keuzes die de persoonlijkheid van de auteur weerspiegelen”.

Dit is absoluut geen lage drempel. Louter intellectuele inspanning, inspanningen, tijd, of vergevorderde filologische deskundigheid volstaan op zichzelf niet om auteursrecht te claimen. De originaliteit moet voortvloeien uit de specifieke grammaticale, lexicale, literaire en stilistische keuzes die de bewerker maakt bij het reconstrueren van hiaten in de tekst. De bewerker brengt, geïnspireerd door zijn intuïtie en interpretatie van de bedoeling van de oorspronkelijke auteur, iets nieuws en persoonlijks in de tekst. Dit vereist in de praktijk een zorgvuldige argumentatie door de partijen en een strikte toetsing door de nationale rechtbanken.

De juridische uitdaging bij kritische edities ligt in het onderscheid tussen ‘knowhow’ (deskundigheid) en ‘creativiteit’. Het Hof erkent dat filologische expertise de keuzes van een auteur kan beïnvloeden, maar dat deze expertise de creatieve geest niet noodzakelijkerwijs verstikt. Wanneer een auteur interpretaties maakt om verloren gegane passages te herstellen of kiest voor een specifieke zinsbouw uit verschillende wetenschappelijk verdedigbare opties, drukt hij zijn persoonlijke stempel op het werk.

Tot slot werd tijdens de procedure geopperd om het werk kunstmatig op te splitsen: de originele historische tekst aan de ene kant, en de nieuwe noten en commentaren (het ‘kritisch apparaat’) aan de andere kant. Het Hof wijst deze uitsplitsing resoluut af. Het is immers niet nodig om dit chirurgische onderscheid te maken om te bepalen wat er precies auteursrechtelijk beschermd is. Integendeel, het opsplitsen houdt het risico in dat de betekenis van het werk vernietigd wordt, aangezien de commentaren en toelichtingen een noodzakelijke aanvulling vormen op de specifieke tekstpassages die ze analyseren. De kritische publicatie kan dus perfect in haar totaliteit – als één onlosmakelijk geheel – als een beschermd werk worden geïdentificeerd.

Wat dit concreet betekent

Deze uitspraak is belangrijk voor verschillende actoren in de uitgevers- en academische wereld:

  • Voor wetenschappers en academische onderzoekers: Het reconstrueren en becommentariëren van oude teksten is niet zomaar publiek bezit. Als u creatieve keuzes maakt om een onvolledige tekst te herstellen, kan u hierop auteursrecht claimen. Het is strategisch aan te raden om de aard van uw taalkundige en stilistische ingrepen goed te documenteren.
  • Voor uitgeverijen: Het zomaar kopiëren van een kritische uitgave van een werk dat in het publiek domein valt, is riskant. Zelfs als het onderliggende manuscript vrij is van rechten, kan de specifieke tekstuele reconstructie van een bewerker beschermd zijn. Er moet altijd worden nagegaan of er toestemming nodig is van de auteur van de kritische editie.
  • Voor het publiek domein: De bescherming van de kritische editie haalt het originele manuscript niet uit het publieke domein. Het staat eenieder vrij om zélf terug te grijpen naar de originele historische bronnen en hier een eigen (nieuwe) vertaling of reconstructie van te maken.

Veelgestelde vragen (FAQ)

Valt een werk dat in het publiek domein zit dan toch weer onder het auteursrecht?
Nee, het originele werk blijft in het publiek domein en mag door iedereen vrij worden gebruikt. Het is enkel de specifieke, nieuwe bewerking (de kritische uitgave) die auteursrechtelijk beschermd is, op voorwaarde dat deze het resultaat is van de creatieve keuzes van de bewerker.

Wat is het verschil tussen een gewone kopie en een beschermde kritische uitgave?
Een facsimile of een louter technische transcriptie van een oud manuscript mist de vereiste originaliteit en is niet beschermd. Een kritische uitgave is wél beschermd wanneer de auteur actieve, vrije en creatieve keuzes (bv. stilistische of lexicale interpretaties) heeft gemaakt om het werk te reconstrueren.

Geldt dit ook voor louter wetenschappelijke arbeid en inspanning?
Nee. Hoeveel tijd, moeite en technische deskundigheid er ook in een onderzoek kruipt, deze factoren op zich leveren geen auteursrecht op. Enkel de creatieve expressie en de persoonlijke stempel van de auteur worden door het auteursrecht beschermd.

Wat als twee onderzoekers onafhankelijk van elkaar tot dezelfde reconstructie komen?
Als een reconstructie de enige technisch en wetenschappelijk mogelijke optie is, ontbreekt de creatieve vrijheid en is er geen auteursrechtelijke bescherming. De bescherming ontstaat juist daar waar verschillende wetenschappelijk verdedigbare keuzes mogelijk zijn en de auteur een persoonlijke voorkeur uitdrukt.

Conclusie

De herwerking of reconstructie van historisch materiaal is meer dan louter bandwerk; het kan een intellectuele schepping zijn. Het Hof van Justitie bevestigt dat een kritische publicatie van een werk uit het publieke domein auteursrechtelijke bescherming geniet, zolang er sprake is van vrije, creatieve keuzes die de persoonlijkheid van de bewerker weerspiegelen.


Joris Deene

Advocaat-partner bij Everest Advocaten

Contact

Vragen? Advies nodig?
Neem contact op met Advocaat Joris Deene.

Telefoon: 09/280.20.68
E-mail: joris.deene@everest-law.be

Topics