Mag je een werk online zetten dat in het ene EU-land nog beschermd is en in het andere niet?

Wie een werk publiceert dat in eigen land tot het publieke domein behoort maar elders nog auteursrechtelijk beschermd is, kan aan inbreuk in dat andere land ontsnappen door doeltreffende geoblocking toe te passen. Dat de blokkering met een VPN te omzeilen valt, doet daar in beginsel niets aan af. Zo besliste het Hof van Justitie op 9 juli 2026 in de zaak Anne Frank Fonds tegen de Anne Frank Stichting c.s. (C-788/24), over de online-editie van de manuscripten van het dagboek van Anne Frank, dat in Nederland nog tot 2037 door het auteursrecht beschermd is maar in België sinds 2016 niet meer.

De feiten

Het Anne Frank Fonds bezit de auteursrechten op de geschriften van Anne Frank. Voor een deel van die werken loopt de bescherming in Nederland nog tot 2037 door, op grond van een overgangsregeling in de Nederlandse Auteurswet. In een reeks andere lidstaten, waaronder België, zijn dezelfde werken sinds 2016 tot het publieke domein gaan behoren.

Eind september 2021 publiceerde een in België gevestigde vereniging, samen met de Anne Frank Stichting en de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, een wetenschappelijke online-editie van de manuscripten op een website. Toegang is gratis. Om geen inbreuk te maken op de nog lopende Nederlandse rechten, pasten zij twee maatregelen toe: een systeem van geoblocking dat de toegang blokkeert vanuit lidstaten waar het werk nog beschermd is, en een waarschuwingssysteem waarbij de bezoeker vanuit een publiekdomeinland moet verklaren dat hij de site vanuit zo’n land raadpleegt.

Het Fonds vond dat toch een mededeling aan het publiek in Nederland plaatsvond, omdat de geoblocking met een VPN te omzeilen is. Nadat het in kort geding in eerste aanleg en in hoger beroep ongelijk kreeg, stelde het cassatieberoep in. De Hoge Raad der Nederlanden legde drie prejudiciële vragen voor aan het Hof van Justitie.

De beslissing

Het Hof herformuleert de eerste twee vragen samen: vormt de publicatie van een werk op een met geoblocking afgeschermde website een mededeling aan het publiek in de zin van art. 3, lid 1, InfoSoc-richtlijn in de lidstaat waar het werk nog beschermd is, wanneer de blokkering met een VPN kan worden omzeild?

Het Hof brengt eerst de vaste leer in herinnering. Het begrip mededeling aan het publiek verbindt twee cumulatieve elementen: een mededelingshandeling en een publiek. Het vereist een individuele beoordeling en een ruime uitleg, met als doelstelling een hoog beschermingsniveau voor auteurs, maar tegelijk een rechtvaardig evenwicht met de vrijheid van meningsuiting en van informatie (art. 11 Handvest) en het algemeen belang.

De kern zit in de techniek. Steunend op zijn arrest VG Bild-Kunst (C-392/19) oordeelt het Hof dat een rechthebbende die doeltreffende technische voorzieningen treft, daarmee te kennen geeft dat hij de toegang tot zijn werk wil beperken tot een welbepaalde kring van internetgebruikers, en niet tot alle internetgebruikers. Die redenering trekt het Hof naar analogie door: wie een werk publiceert dat elders nog beschermd is, moet doeltreffende technische voorzieningen treffen om de toegang te beperken tot de publiekdomeinlanden, en geeft daarmee te kennen dat de gebruikers in de beschermde lidstaat geen deel uitmaken van het beoogde publiek.

Geoblocking is een technische voorziening in de zin van art. 6, lid 3, InfoSoc-richtlijn. Of ze ook doeltreffend is, moet de nationale rechter beoordelen met inachtneming van het evenredigheidsbeginsel, de stand van de techniek en de omzeilingsmogelijkheden. Het Hof geeft evenwel duidelijke richtsnoeren: een state-of-the-art geoblockingmaatregel is geschikt en verzekert een rechtvaardig evenwicht, en de enkele mogelijkheid tot omzeiling via VPN maakt haar niet ondoeltreffend. Zou men het tegendeel aannemen, dan zou de vrije toegang in de publiekdomeinlanden onevenredig worden belemmerd en zou aan het auteursrecht een onevenredige territoriale draagwijdte worden toegekend. Dat er striktere alternatieven bestaan, zoals afscherming met login of abonnement, maakt de geoblocking niet ondoeltreffend, omdat die alternatieven het evenwicht juist zouden verstoren. Het aanvullende verklaringssysteem is op zich niet doeltreffend, want het hangt volledig af van de bereidheid van de gebruiker om eerlijk te antwoorden.

De slotsom op de eerste twee vragen: bij een doeltreffende, state-of-the-art geoblocking is er geen mededeling aan het publiek in de beschermde lidstaat, ook al kan ze met een VPN worden omzeild.

Op de derde vraag antwoordt het Hof dat wanneer de maatregel niet doeltreffend zou zijn en er dus wél een mededeling aan het publiek is, die toerekenbaar is aan de publicerende partij, en niet aan de VPN-aanbieder. Steunend op YouTube en Cyando (C-682/18 en C-683/18) oordeelt het Hof dat een VPN-aanbieder louter internettoegang faciliteert, geen centrale rol speelt bij het verlenen van toegang tot het werk, en dus niet zelf meedeelt.

Juridische analyse en duiding

De techniek bepaalt wie het beoogde publiek is

De grondgedachte van het arrest is eenvoudig samen te vatten: wie een werk online zet, laat door zijn technische keuzes zien voor wie het bestemd is. Wie niets afschermt, richt zich tot iedereen op het internet. Wie afschermt, sluit een deel van het publiek uit en houdt alleen de gebruikers over die de afscherming doorlaat. Dezelfde gedachte gebruikte het Hof al in het VG Bild-Kunst-arrest, toen over bescherming tegen framing. Hier past het ze toe op geografische blokkering. Het nieuwe is dat het Hof daarmee aanvaardt dat de auteursrechten op het internet per land kunnen beheerd worden. De bezoekers uit het land waar het werk nog beschermd is, tellen gewoon niet mee als beoogd publiek zolang de blokkering hen buitensluit.

Opvallend is dat het Hof tot dezelfde uitkomst komt als advocaat-generaal Rantos, maar langs een andere weg. In zijn conclusie van 15 januari 2026 stelde de advocaat-generaal dat art. 3, lid 1, geen gerichtheidsvereiste kent: een online publicatie hoeft niet specifiek op een bepaald land gericht te zijn om een mededeling aan het publiek te vormen. Hij loste de zaak op via de vraag of de technische maatregelen doeltreffend waren, zonder een dergelijk gerichtheidscriterium in te voeren. Het Hof kiest een subtiel andere route. Doordat het redeneert dat de techniek zelf het publiek afbakent, hoeft het de principiële vraag of er altijd een gerichtheidsvereiste geldt, niet te beantwoorden. Die knoop laat het Hof dus bewust liggen.

Geen enkele beveiliging is waterdicht, en dat mag ook

De redenering rust op een nuchtere vaststelling die de advocaat-generaal scherp verwoordde: geen enkele beveiliging is volledig onaantastbaar. Zou de loutere mogelijkheid tot omzeiling volstaan om een maatregel als ondoeltreffend te bestempelen, dan zou elke publicatie op het internet automatisch de hele wereld bereiken. Auteursrechten per land beheren zou dan onmogelijk worden. Het Hof aanvaardt daarom dat een maatregel doeltreffend kan zijn ondanks een omzeilingsrisico, zolang andere elementen dat risico opvangen. De keerzijde, die het Hof zelf toegeeft, is dat de rechthebbende zijn recht in het beschermde land misschien niet volledig kan afdwingen. Dat is de prijs van het evenwicht dat het Hof zoekt.

Afschermen is een blijvende opdracht, geen eenmalige ingreep

Zowel de advocaat-generaal als het Hof koppelen de doeltreffendheid aan de stand van de techniek. De beoordeling ligt dus niet voor eens en altijd vast. De advocaat-generaal wees op de bijbehorende plicht voor de website-eigenaar om nieuwe omzeilingsrisico’s geregeld opnieuw te bekijken en zo nodig extra maatregelen te nemen. Wat vandaag de beste techniek is, kan dat volgend jaar niet meer zijn. Geoblocking is daarom geen knop die je één keer omzet, maar iets wat je moet blijven bijhouden. Wie zich op de vrijstelling wil beroepen, draagt daarvan ook het bewijsrisico.

Wat betekent dit concreet?

Voor erfgoedinstellingen, uitgevers en onderzoekers. Wie werken online wil ontsluiten die in sommige lidstaten nog beschermd zijn, kan dat rechtmatig doen met een state-of-the-art geoblockingoplossing die de beschermde markten afschermt. Documenteer de gekozen techniek en herbeoordeel ze periodiek, want de doeltreffendheid wordt getoetst aan de evoluerende stand van de techniek. Een louter waarschuwings- of klikverklaringssysteem volstaat niet en kan hoogstens als aanvullende, afschrikkende maatregel dienen. Het kan verstandig zijn de rechthebbende in het beschermde land vooraf in te lichten over de publicatie en de genomen maatregelen.

Voor rechthebbenden. Het arrest verzwakt de handhavingspositie tegen buitenlandse publicaties die correct afschermen. Tegen de publicerende partij valt weinig te beginnen zolang de geoblocking doeltreffend is, en de VPN-aanbieder is geen doelwit tenzij die actief tot omzeiling aanzet. De marge zit in het betwisten van de doeltreffendheid: is de maatregel wel state-of-the-art, dekt ze de courante VPN-diensten af, en is ze na verloop van tijd bijgewerkt? Ook opzettelijk zwakke of schijnbare geoblocking blijft aanvechtbaar.

Voor VPN-aanbieders. Het loutere feit dat een dienst kan worden gebruikt om geoblocking te omzeilen, leidt niet tot aansprakelijkheid voor auteursrechtinbreuk. Dat verandert wanneer de aanbieder actief onrechtmatig gebruik aanmoedigt om toegang te krijgen tot beschermde werken; dan komt de centrale-rol-toets in beeld.

Veelgestelde vragen (FAQ)

Mag ik een boek dat in België vrij van auteursrechten is online zetten als het in een ander EU-land nog beschermd is?
Ja, op voorwaarde dat je de toegang vanuit de landen waar het werk nog beschermd is afschermt met een doeltreffende, state-of-the-art geoblockingmaatregel. Zonder die afscherming stel je een mededeling aan het publiek in die landen en riskeer je een inbreuk.

Maakt het uit dat mensen de geoblocking met een VPN kunnen omzeilen?
In beginsel niet. Volgens het Hof van Justitie maakt de enkele mogelijkheid tot omzeiling via VPN een state-of-the-art geoblockingmaatregel niet ondoeltreffend. De maatregel moet wel actueel blijven ten opzichte van de stand van de techniek.

Is een VPN-aanbieder aansprakelijk als iemand via zijn dienst een geblokkeerd werk bekijkt?
Nee, tenzij de aanbieder actief aanzet tot onrechtmatig gebruik om toegang te krijgen tot beschermde werken. Een VPN faciliteert internettoegang en deelt het werk niet zelf mee aan het publiek.

Conclusie

Het Hof van Justitie kiest voor een technologisch en territoriaal evenwichtige oplossing: doeltreffende, state-of-the-art geoblocking verhindert een mededeling aan het publiek in de beschermde lidstaat, ondanks de mogelijkheid tot omzeiling via VPN, en de VPN-aanbieder blijft buiten schot. Wie werken ontsluit die in de ene lidstaat vrij en in de andere nog beschermd zijn, krijgt daarmee een werkbaar kader, maar draagt tegelijk een doorlopende zorgvuldigheidsplicht om zijn afscherming actueel te houden.


Joris Deene

Advocaat-partner bij Everest Advocaten

Contact

Vragen? Advies nodig?
Neem contact op met Advocaat Joris Deene.

Telefoon: 09/280.20.68
E-mail: joris.deene@everest-law.be

Topics