Wilt u verouderde of onterechte informatie over uzelf uit de zoekresultaten van Google laten verwijderen, maar vangt u bot met een standaardmail? Een arrest van het Brusselse Marktenhof van 12 november 2025 bevestigt dat Google zich niet mag verschuilen achter vage standaardafwijzigingen. Zoekmachines moeten duidelijk motiveren waarom uw specifiek verzoek wordt geweigerd, en bij oude, niet-bewezen beschuldigingen weegt uw privacy vaak zwaarder dan het publieke belang.
De feiten
De zaak betreft een docent in het hoger onderwijs (psychologie) die in 2008 het onderwerp was van een klacht wegens seksuele intimidatie door een student.
- De juridische voorgeschiedenis: Naar aanleiding van deze klacht werd de docent in 2009 preventief geschorst. Hij vocht deze administratieve schorsingen aan bij de Raad van State. Belangrijk hierbij is dat het strafrechtelijk onderzoek naar de vermeende intimidatie in augustus 2009 door het parket werd geseponeerd. Er is dus nooit een strafrechtelijke veroordeling geweest.
- Het probleem: Meer dan 15 jaar later, in 2023, waren de arresten van de Raad van State over zijn schorsing nog steeds prominent vindbaar via Google bij het zoeken op zijn naam. De links verwezen naar de juridische databank vLex.
- De weigering van Google: De man verzocht Google deze links te verwijderen. Google weigerde dit met standaardteksten. Voor de eerste URL stelde Google dat de informatie “betrekking had op zijn professionele leven” en van “groot openbaar belang” was. Voor de tweede URL verwees Google vaag naar het “evenwicht tussen belangen” en de aard van de bron (een administratieve overheid).
- Klacht bij de GBA: De man stapte naar de Gegevensbeschermingsautoriteit. De Geschillenkamer oordeelde op 24 april 2025 (nr. 77/2025) dat Google de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG/GDPR) had geschonden en legde berispingen en een waarschuwing op. Google ging hiertegen in beroep bij het Marktenhof.
De beslissing van het Marktenhof
Het Hof van Beroep bevestigt in grote lijnen de beslissing van de GBA. Het oordeel valt uiteen in twee pijlers: het materiële recht op gegevenswissing en de procedurele plicht tot transparantie.
1. Het recht om vergeten te worden (Artikel 17 AVG)
Het Hof stelt vast dat de weigering van Google onterecht was. De verwerking van de persoonsgegevens was niet langer noodzakelijk en zelfs onrechtmatig gezien de tijdspanne en de aard van de gegevens. Het Hof past hier de criteria toe van de Google Spanje en Google/CNIL arresten van het Europees Hof van Justitie.
- Geen publiek figuur: Het Hof bevestigde dat een docent of psycholoog niet automatisch een “publiek figuur” is. De man speelde geen rol in het publieke leven en zocht de media niet op.
- Geen strafrechtelijke relevantie: Omdat de strafklacht geseponeerd was en er geen disciplinaire sancties waren gevolgd voor de feiten zelf, gaven de zoekresultaten een “vertekend en onvolledig beeld” dat hem disproportionele schade berokkende.
- Geen actueel publiek belang: Het Hof oordeelde dat het koppelen van de naam van de man aan deze oude arresten geen enkele meerwaarde bood voor het actuele maatschappelijke debat over seksuele intimidatie.
2. De transparantieplicht (Artikel 12 AVG)
Misschien wel het belangrijkste aspect van dit arrest is de veroordeling van de werkwijze van Google.
- Standaardantwoorden zijn onvoldoende: Het Hof oordeelde dat de antwoorden van Google “vaag”, “abstract” en “gestandaardiseerd” waren. Google gebruikte tekstblokken die niet specifiek ingingen op de situatie van de klager.
- Begrijpelijkheid: Een betrokkene moet kunnen begrijpen waarom in zijn specifieke geval een weigering volgt. De motivering “groot publiek belang” zonder verdere uitleg volstaat niet.
3. De sanctie: nuance in de handhaving
Op één punt kreeg Google gelijk: de waarschuwing werd vernietigd. Het Hof verduidelijkte dat een waarschuwing (volgens art. 100 GBA-Wet en art. 58 AVG) enkel kan worden gegeven voor voorgenomen (toekomstige) verwerkingen die waarschijnlijk de wet zullen schenden. Het kan niet worden gebruikt als straf voor een inbreuk die al heeft plaatsgevonden; daarvoor dienen de berisping en de boete. De berispingen voor de schending van de artikelen 12 en 17 AVG bleven echter overeind.
Juridische analyse en duiding
Dit arrest biedt handvatten voor de rechtspraktijk rondom reputatiemanagement en AVG-compliance.
De grenzen van automatisering in juridische besluitvorming Grote techbedrijven verwerken duizenden verzoeken per jaar en gebruiken hiervoor, begrijpelijkerwijs, gedeeltelijk geautomatiseerde systemen en templates. Het Marktenhof stelt echter een harde grens: efficiëntie mag niet leiden tot ondoorzichtigheid. Het Hof stelt expliciet: “De beslissing […] moet in zekere mate worden aangepast aan de specifieke situatie van de betrokkene, door te verwijzen naar de concrete omstandigheden van de weigering”. Dit is een uitbreiding van de motiveringsplicht. Het volstaat niet om intern een afweging te maken; de uitkomst van die afweging moet begrijpelijk gecommuniceerd worden aan de burger. Dit raakt de kern van artikel 12.1 AVG (transparante communicatie) in samenhang met artikel 12.4 AVG (motivering van niet-opvolging).
Artikel 10 AVG en de ‘vermoedelijke’ strafrechtelijke feiten Interessant is de bevestiging van het Hof dat gegevens over een klacht of een administratieve procedure waarin strafbare feiten worden genoemd, vallen onder de strikte bescherming van artikel 10 AVG (strafrechtelijke gegevens), zelfs als er nog geen veroordeling is – of in dit geval, zelfs als de zaak is geseponeerd. Dit verhoogt de drempel voor zoekmachines om dergelijke informatie te mogen indexeren aanzienlijk. De belangenafweging valt hierdoor veel sneller uit in het voordeel van de privacy van de betrokkene.
De rol in het openbare leven (publiek figuur) Het Hof hanteert een strikte interpretatie van het begrip ‘publiek figuur’. Het louter uitoefenen van een gereglementeerd beroep (zoals psycholoog of docent) maakt iemand nog geen publiek figuur. Dit is belangrijk voor professionals die vrezen dat hun beroepsstatus hen vogelvrij verklaart voor online kritiek. Zolang men geen mediabekendheid zoekt of een politieke rol vervult, blijft de bescherming van de persoonlijke levenssfeer robuust.
Wat dit concreet betekent
Voor het slachtoffer van online content
- Beter wapen tegen weigeringen: Als u een standaard ‘nee’ ontvangt van Google, is dit arrest uw munitie. U kunt eisen dat Google specifiek uitlegt welk “publiek belang” zwaarder weegt dan uw privacy, zeker als de feiten oud zijn.
- Oude koeien uit de sloot: Informatie over oude juridische geschillen (zeker zonder veroordeling) moet online verdwijnen als ze geen actuele nieuwswaarde meer hebben. De factor ‘tijd’ (in casu 15 jaar) is doorslaggevend.
- Schadebewijs: Het Hof nam genoegen met de aannemelijkheid van “morele schade” en “angst” door de constante vindbaarheid. U hoeft niet altijd harde financiële schade te bewijzen om uw gelijk te halen.
Voor advocaten en DPO’s
- Review van standaardbrieven: Organisaties die rechten van betrokkenen verwerken, moeten hun templates herzien. Een generieke verwijzing naar “gerechtvaardigd belang” of “wettelijke verplichting” zonder context is risicovol.
- Strategie bij de GBA: Het onderscheid tussen de waarschuwing (ex ante) en de berisping/boete (ex post) is van belang in verweerprocedures. Een waarschuwing aanvechten die feitelijk een straf is voor het verleden, is kansrijk.
Veelgestelde vragen (FAQ)
Geldt dit arrest alleen voor Google of ook voor andere websites?
Hoewel dit arrest specifiek tegen Google is gewezen, gelden de principes uit de AVG (GDPR) voor alle verwerkingsverantwoordelijken. Elke organisatie die een verzoek tot gegevenswissing weigert, moet dit transparant en specifiek motiveren. Wel hebben zoekmachines een specifieke verantwoordelijkheid omdat zij informatie uit allerlei bronnen aggregeren en toegankelijk maken.
Moet ik 15 jaar wachten voordat ik iets kan laten verwijderen?
Nee, 15 jaar was de termijn in deze specifieke zaak. Het criterium is of de informatie nog ‘relevant’ en ‘actueel’ is. Voor strafrechtelijke gegevens over niet-publieke figuren kan de balans al veel eerder omslaan in het voordeel van privacy, bijvoorbeeld zodra een sepot of vrijspraak definitief is.
Google zegt dat de informatie ‘van juridisch belang’ is. Kan ik daar iets tegen doen?
Ja. In deze zaak stonden de arresten in een juridische databank. Het Hof oordeelde dat het juridische belang van die databank (toegang tot rechtspraak) kan worden bereikt zonder dat de naam van de betrokkene vindbaar is via een algemene zoekmachine als Google. De bron mag blijven bestaan (anonimiseren is daar de norm), maar de link in Google op naam van de persoon moet weg.
Conclusie
Het arrest van het Marktenhof van 12 november 2025 is een krachtig signaal: het gegevensbeschermingsrecht is geen dode letter en techgiganten staan niet boven de wet. De uitspraak dwingt zoekmachines tot maatwerk. Wie iemands digitale verleden in stand wil houden, moet daarvoor goede en begrijpelijke redenen op papier zetten. Voor de burger betekent dit: neem geen genoegen met een standaard afwijzing.



