Een werknemer die een uitvinding doet, kan recht hebben op een vergoeding, maar hoe bewijst men de waarde en de voorwaarden ervan als de werkgever alle informatie achterhoudt? Ja, een rechtbank kan een werkgever verplichten om cruciale, vertrouwelijke documenten vrij te geven. Om de bedrijfsgeheimen van de werkgever te beschermen, zal de rechter echter strenge voorwaarden opleggen via een zogenaamde ‘vertrouwelijkheidskring’.
De feiten: de strijd om een uitvindersvergoeding
In deze zaak stond een groep (voormalige) werknemers, waaronder onderzoekers en ingenieurs, tegenover hun werkgever, het Studiecentrum voor Kernenergie (SCK). Tijdens hun tewerkstelling waren deze werknemers betrokken bij de ontwikkeling van een innovatieve technologie (Actinium-225). Het was onbetwist dat de rechten op deze uitvindingen, als zogenaamde ‘dienstuitvindingen’, toebehoorden aan de werkgever.
Het conflict ontstond toen de werknemers een bijzondere vergoeding eisten voor hun uitvindingen, een recht dat was vastgelegd in het arbeidsreglement van het SCK. Volgens het reglement hadden de uitvinders recht op een deel van de netto-opbrengst indien het SCK een licentie op een octrooi tegen vergoeding zou toekennen aan een derde partij.
Om hun vordering te staven, vroegen de werknemers de rechtbank om het SCK te bevelen diverse cruciale documenten voor te leggen, waaronder de interne procedures rond intellectuele eigendom, verslagen van de Raad van Bestuur en de effectieve licentieovereenkomst met een derde partij. De werkgever weigerde dit en argumenteerde dat het om een ontoelaatbare ‘fishing expedition’ ging.
De beslissing van de arbeidsrechtbank
De Arbeidsrechtbank Antwerpen, afdeling Turnhout, oordeelde op 26 mei 2025 over deze vraag tot inzage in documenten, nog voor het geschil ten gronde werd behandeld.
De rechtbank ging slechts gedeeltelijk akkoord met de vraag van de werknemers. Ze beval het SCK om de documenten over te leggen die rechtstreeks relevant waren om te beoordelen of aan de voorwaarden uit het arbeidsreglement was voldaan. Dit betrof concreet:
- De interne procedure inzake intellectuele eigendomsrechten.
- Nota’s en verslagen van de Raad van Bestuur die de interpretatie van de vergoedingsregeling konden verduidelijken.
- De licentieovereenkomst die gesloten was met een derde partij (PANTERA NV).
Andere, meer algemene vragen naar documenten, zoals waarderingsverslagen of alle schriftelijke communicatie, werden afgewezen omdat ze onvoldoende specifiek of niet ter zake dienend werden geacht.
Cruciaal was echter dat de rechtbank de inzage koppelde aan strenge voorzorgsmaatregelen om de bedrijfsgeheimen van het SCK te beschermen. De rechter stelde een vertrouwelijkheidskring in. Deze kring bepaalde precies wie de gevoelige informatie mocht inkijken:
- De vertegenwoordigers en advocaten van de werkgever (SCK).
- De advocaat van de werknemers.
- Eén specifieke, met naam en functie geïdentificeerde werknemer die nog steeds in dienst was en zich uitdrukkelijk tot geheimhouding moest verbinden.
- De rechtbank en een eventuele gerechtsdeskundige.
Om de ernst van deze geheimhouding te onderstrepen, koppelde de rechtbank een dwangsom van € 50.000 per overtreding aan de vertrouwelijkheidsverplichting.
Juridische analyse en duiding
Deze uitspraak illustreert perfect het delicate evenwicht tussen twee fundamentele rechtsprincipes: het recht op bewijs en de bescherming van bedrijfsgeheimen.
De vordering van de werknemers steunt op artikel 877 van het Gerechtelijk Wetboek, dat een partij toelaat om de voorlegging van documenten te eisen die in het bezit zijn van de tegenpartij. De rechter kan dit bevelen als er “gewichtige, bepaalde en met elkaar overeenstemmende vermoedens” zijn dat die documenten het bewijs van een relevant feit bevatten. De rechtbank paste dit principe strikt toe door enkel de documenten toe te staan die direct relevant waren voor de voorwaarden uit het arbeidsreglement en wees de vaag omschreven verzoeken af als een ongeoorloofde ‘fishing expedition’.
Tegelijkertijd erkende de rechtbank het vitale belang van de bescherming van de confidentiële en commercieel gevoelige informatie van de werkgever. De oprichting van een vertrouwelijkheidskring, zoals voorzien in artikel 871bis, § 2 van het Gerechtelijk Wetboek, is hiervoor het uitgelezen instrument. Dit mechanisme zorgt ervoor dat de bewijsgaring kan doorgaan zonder dat gevoelige informatie publiek wordt gemaakt of misbruikt kan worden.
De samenstelling van de kring is bijzonder interessant. De wet schrijft voor dat minstens één natuurlijke persoon van de partij zelf toegang moet hebben tot de informatie. Een kring die enkel uit advocaten bestaat (‘Attorneys’ Eyes Only’) is in België de uitzondering. De rechtbank koos hier voor een pragmatische oplossing door één werknemer aan te duiden die nog onder arbeidsovereenkomst was en dus al gebonden was door de geheimhoudingsplicht van artikel 17 van de Arbeidsovereenkomstenwet.
Wat dit concreet betekent
- Voor de werknemer-uitvinder: U staat niet machteloos als uw werkgever weigert informatie te delen over de exploitatie van uw uitvinding. Via de rechtbank kunt u inzage afdwingen in essentiële documenten. Wees in uw verzoek echter zo specifiek mogelijk. Een algemene vraag naar ‘alle communicatie’ zal wellicht worden afgewezen. U zult zich bovendien moeten neerleggen bij strikte geheimhoudingsregels.
- Voor de werkgever: U kunt de openlegging van documenten in een geschil niet zomaar weigeren als deze relevant zijn voor de vordering van de tegenpartij. U kunt en moet de rechtbank echter wel proactief verzoeken om beschermende maatregelen. Vraag de oprichting van een vertrouwelijkheidskring en vraag de rechter om een afschrikwekkende dwangsom op te leggen bij schending van de confidentialiteit.
Veelgestelde vragen (FAQ)
Wat is een vertrouwelijkheidskring?
Een vertrouwelijkheidskring is een door de rechtbank vastgelegde, beperkte groep personen (bv. partijen, advocaten, deskundigen) die als enigen toegang krijgen tot gevoelige of vertrouwelijke informatie in het kader van een rechtszaak. Het doel is om het recht op bewijs te vrijwaren zonder dat bedrijfsgeheimen op straat komen te liggen.
Kan ik zomaar alle documenten van mijn werkgever opvragen?
Nee. Zoals dit vonnis aantoont, moet uw verzoek specifiek en ter zake dienend zijn. U moet aantonen dat de gevraagde documenten relevant zijn voor het bewijzen van uw claim. Algemene en vage verzoeken worden beschouwd als een ‘fishing expedition’ en zullen door de rechtbank worden afgewezen.
Wat riskeer ik als ik de regels van de vertrouwelijkheidskring schend?
De gevolgen zijn zeer ernstig. De rechtbank legt, zoals in deze zaak, hoge dwangsommen op (€ 50.000 per overtreding) om elke schending te ontraden. Dit staat los van een eventuele bijkomende schadevergoeding die de tegenpartij kan vorderen.
Conclusie
Dit vonnis van de arbeidsrechtbank is een schoolvoorbeeld van hoe de Belgische justitie een evenwicht vindt tussen het recht van een werknemer om zijn zaak te bewijzen en het legitieme recht van een werkgever om zijn bedrijfsgeheimen te beschermen. Het toont aan dat de procedurele middelen bestaan om inzage te verkrijgen, maar dat vertrouwelijkheid hierbij voorop staat. De vertrouwelijkheidskring is daarbij het sleutelinstrument.



