Kan een Russisch bedrijf nog een merk of octrooi aanvragen in de EU?

Nee, sinds juni 2024 is het voor Russische staatsburgers, inwoners en bedrijven in principe onmogelijk geworden om nieuwe intellectuele eigendomsrechten, zoals merken of octrooien, aan te vragen binnen de Europese Unie. Deze drastische maatregel is onderdeel van het veertiende sanctiepakket tegen Rusland en vormt een ongekende stap in het internationale recht van de intellectuele eigendom.

De juridische context: van gerichte sancties naar een algemeen verbod

Sinds de annexatie van de Krim in 2014 heeft de Europese Unie stapsgewijs sancties ingesteld tegen Rusland. Aanvankelijk waren deze maatregelen gericht op specifieke personen en entiteiten die dicht bij het Kremlin stonden, waarbij hun tegoeden werden bevroren. Vanaf 2022, na de grootschalige invasie van Oekraïne, werden intellectuele eigendomsrechten expliciet beschouwd als “economische middelen” die onder deze gerichte sancties vielen. Dit betekende dat Bureaus voor intellectuele eigendom geen rechten mochten toekennen aan de personen op de sanctielijst.

Als reactie hierop nam Rusland tegenmaatregelen, waaronder het opstellen van een lijst van “onvriendelijke staten”, waartoe alle EU-lidstaten behoren. Een van de meest besproken Russische maatregelen was de mogelijkheid om in bepaalde gevallen dwanglicenties toe te kennen zonder enige compensatie voor de octrooihouder uit een onvriendelijk land.

De zomer van 2024 markeerde echter een significante escalatie van de kant van de EU. De gerichte sancties bleven bestaan, maar werden aangevuld met een veel verregaandere maatregel.

De regelgeving: het nieuwe artikel 5vicies

Met de Verordening (EU) 2024/1745 van 24 juni 2024 werd een nieuw artikel, 5vicies, toegevoegd aan de bestaande Verordening (EU) 833/2014. Dit artikel introduceert een algemeen en breed verbod dat niet langer gericht is op specifieke personen, maar op alle Russische staatsburgers, natuurlijke personen die in Rusland verblijven, en rechtspersonen die in Rusland gevestigd zijn.

De kern van de nieuwe sancties omvat:

  • Verbod op nieuwe aanvragen: Het Bureau voor Intellectuele Eigendom van de Europese Unie (EUIPO), het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom (BOIP) en alle nationale IE-bureaus binnen de EU mogen geen nieuwe aanvragen voor de registratie van merken, octrooien, tekeningen, modellen en andere intellectuele eigendomsrechten meer accepteren van de geviseerde personen en entiteiten. Volgens de Europese Commissie moeten dergelijke aanvragen worden behandeld alsof ze nooit zijn ingediend.
  • Verbod op andere handelingen: Het verbod is zeer breed en treft ook bijna elke andere handeling of verklaring binnen een lopende procedure. Denk hierbij aan het indienen van een oppositie tegen een merk of het aanpassen van een hangende aanvraag.
  • Gevolgen voor het Europees Octrooibureau (EOB): Omdat het EOB geen EU-instelling is, kan de EU haar geen directe bevelen geven. De verordening verplicht de EU-lidstaten echter om alles in het werk te stellen om ervoor te zorgen dat het EOB geen nieuwe Europese octrooiaanvragen en geen verzoeken om eenheidswerking van Russische partijen meer aanvaardt. Dit heeft geleid tot aanpassingen in het interne reglement van het EOB.
  • Internationale aanvragen: Een gelijkaardige “inspanningsverbintenis” geldt voor internationale aanvragen die via de Wereldorganisatie voor Intellectuele Eigendom (WIPO) lopen.

Er is een beperkte uitzondering voor staatsburgers van een EU/EER-lidstaat of Zwitserland, en voor natuurlijke personen met een geldige verblijfsvergunning in deze landen.

Juridische analyse en duiding

De EU rechtvaardigt deze sancties door te stellen dat “de Russische overheid en de Russische rechtbanken hebben acties ondernemen om houders van intellectuele-eigendomsrechten uit de lidstaten op illegale wijze hun bescherming in Rusland te nemen”. Deze rechtvaardigingsgrond is evenwel wankel:

  1. Foutieve aannames: De Russische maatregelen waarop de EU zich baseert, zijn ofwel genuanceerder, ofwel reeds teruggedraaid. Zo was de controversiële “nul-compensatie” voor dwanglicenties al vier maanden vóór de invoering van de EU-sancties door Rusland afgeschaft. Andere Russische maatregelen, zoals het toestaan van parallelimport, zijn volgens internationale verdragen zoals de TRIPS-overeenkomst niet verboden. Zelfs de geruchtmakende ‘Peppa Pig’-zaak, waarin een Russische rechter aanvankelijk de intellectuele eigendomsrechten van een Britse firma miskende, werd op 21 juni 2022 in beroep hervormd.
  2. Strijdigheid met internationaal recht: De sancties lijken in strijd met het fundamentele principe van “nationale behandeling” uit de Conventie van Parijs (art. 2) en de TRIPS-overeenkomst (art. 3). Dit beginsel verbiedt discriminatie op basis van nationaliteit bij de toegang tot intellectuele eigendomsbescherming. Hoewel er veiligheidsexcepties bestaan in sommige verdragen (zoals TRIPS), ontbreken deze in de Conventie van Parijs.
  3. Historisch ongezien: Zelfs tijdens de Eerste Wereldoorlog bleven de oorlogvoerende landen, waaronder Frankrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk, octrooiaanvragen van vijandelijke onderdanen aanvaarden. De reden was strategisch: het gaf hen inzicht in de technologische vooruitgang van de tegenstander. De huidige EU-aanpak, die de deur volledig sluit, breekt met deze historische praktijk en ontneemt de EU de toegang tot informatie over Russische innovatie.

Wat dit concreet betekent

  • Voor Russische bedrijven en uitvinders: Zij verliezen de mogelijkheid om hun innovaties, merken en creaties juridisch te beschermen op de Europese markt. Bestaande rechten blijven voorlopig geldig, maar het beheer ervan wordt complexer.
  • Voor Europese bedrijven en adviseurs: Voorzichtigheid is geboden bij samenwerkingen. Een gezamenlijke octrooiaanvraag door een Belgisch en een Russisch bedrijf zal nu worden geweigerd. Bureaus voor intellectuele eigendom, merken- en octrooibureaus of andere juridische dienstverleners moeten hun procedures aanpassen om de nationaliteit en vestigingsplaats van aanvragers rigoureus te controleren.
  • Voor de EU als strategische speler: De maatregel lijkt eerder symbolisch dan effectief. Het aantal Russische aanvragen voor intellectuele eigendomsrechten in de EU was relatief beperkt, waardoor de economische impact op Rusland waarschijnlijk klein is. Het gevaar is echter dat de EU een gevaarlijk precedent schept dat het internationale, op regels gebaseerde IE-systeem ondermijnt en op termijn als een boemerang kan terugkeren tegen Europese bedrijven in andere geopolitieke conflicten.

FAQ (Veelgestelde vragen)

Geldt dit verbod ook voor bestaande, reeds geregistreerde merken of octrooien?
Nee, de sancties in artikel 5vicies zijn gericht op het weigeren van nieuwe aanvragen voor registratie die zijn ingediend op of na 25 juni 2024. Reeds verleende rechten blijven vooralsnog bestaan, al kunnen er problemen ontstaan onder andere sanctieregelingen (bv. bij betalingen).

Wat als ik als Belgisch bedrijf samen met een Russisch bedrijf een uitvinding heb gedaan en een octrooi wil aanvragen?
Een dergelijke gezamenlijke aanvraag zal worden geweigerd. De verordening stelt expliciet dat het verbod van toepassing is, zelfs als de aanvraag gezamenlijk wordt ingediend door een Russische partij en een niet-Russische partij.

Heeft Rusland vergelijkbare maatregelen ingevoerd die Europese bedrijven verhinderen om in Rusland een merk of octrooi aan te vragen?
Nee. Op het moment van de invoering van de EU-sancties had Rusland geen maatregelen genomen die de toegang voor EU-onderdanen tot de aanvraagprocedures bij het Russische IE-bureau (Rospatent) beperkten.

Conclusie

De beslissing van de EU om de toegang tot haar intellectuele eigendomssystemen voor Russische entiteiten volledig af te sluiten, is een radicale en juridisch betwistbare stap. De maatregel lijkt gebaseerd op een onvolledige analyse van de Russische tegenmaatregelen en staat op gespannen voet met fundamentele principes van internationaal recht. Hoewel de intentie is om druk uit te oefenen op Rusland, is het onzeker of deze strategie effectief zal zijn en creëert ze een zorgwekkend precedent voor de toekomst.


Joris Deene

Advocaat-partner bij Everest Advocaten

Contact

Vragen? Advies nodig?
Neem contact op met Advocaat Joris Deene.

Telefoon: 09/280.20.68
E-mail: joris.deene@everest-law.be

Topics