GDPR. En wat met de Belgische Privacywet?

Dat de GDPR (ook wel – in het Nederlands – AVG genoemd) op 25 mei 2018 van kracht geworden is in de ganse Europese Unie, dat weet ondertussen bijna iedereen die met privacy binnen de onderneming bezig is.

Een vraag die wij vaak krijgen is hoe het nu eigenlijk zit met de Belgische Privacywet (meer juister, de wet tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens van 8 december 1992) ?

Dient hier nog mee rekening te worden gehouden? Het antwoord is : nee.

Me de inwerkingtreding van de GDPR was de Belgische Privacywet in wezen al ‘officieus’ afgeschaft. De GDPR regelt immers op een geharmoniseerde wijze binnen de Europese Unie de wijze waarop persoonsgegevens mogen worden verwerkt. Andersluidende nationale wetgeving dient dan ook opzij geschoven te worden.

Een aantal artikelen van de Belgische Privacywet waren al in januari 2018 afgeschaft door de wet tot oprichting van de Gegevensbeschermingsautoriteit (die de Privacycommissie vervangt).

Op 5 september 2018 werd de Belgische Privacywet dan ook ‘officieel’ afgeschaft met de wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens.

In deze wet worden een aantal aspecten van de GDPR verder op nationaal vlak uitgewerkt en verduidelijkt. Met deze wet is het volledige kader gekend waarmee voortaan moet rekening worden gehouden bij de verwerking van persoonsgegevens.

U zoekt een advocaat om u bij te staan bij het naleven van de GDPR en de Belgische uitvoeringswet?

Joris Deene

Advocaat-partner bij Everest Advocaten
Specialisatie: Intellectuele eigendom, ICT en privacy

Plaats commentaar